Beschrijving
Algemeen
De ontdoener/vervoerder en zijn personeel zijn gehouden om binnen de inrichting de geldende bepalingen uit de Wegenverkeerswet en de binnen de inrichting geldende verkeersbepalingen na te leven. Binnen de inrichting:
- geldt een maximale snelheid van 30 km/uur
- geldt een inhaalverbod
- dient men op de loslocatie stapvoets te rijden
- dient men zich te houden aan de verkeerslichten
- dient men gebruik te maken van een achteruitrijdsignalering
Overlast
De ontdoener/vervoerder en zijn personeel zijn gehouden de aanwijzingen van het personeel van het afvalverwerkingsbedrijf strikt op te volgen en verder:
- de verspreiding van stof en dieseldampen zo veel mogelijk te beperken
- anderen niet in gevaar te brengen
- zich niet hinderlijk te gedragen
- geen schade toe te brengen
- geen overlast te bezorgen
- de bedrijfsvoering binnen de inrichting niet te belemmeren
Rookverbod
Op alle losplaatsen geldt een rook- en vuurverbod.
Betreden van de inrichting
De ontdoener/vervoerder en zijn personeel dienen zich bij het betreden van de inrichting onmiddellijk vanaf de opstelstrook te melden bij het personeel van de weegbrug. Uitwisselen van schriftelijke informatie vindt plaats via een buizenpostsysteem.
Inweging
De afvalstoffen worden op een geijkte weegbrug van de inrichting ingewogen. Deze weging is bindend.
Lossen
Na de inweging dienen de voertuigen gelost te worden. Degene die afvalstoffen afgeeft is gehouden de afvalstoffen op de juiste en aangewezen plaats te lossen. De vervoerder is gehouden de nodige voorzichtigheid in acht te nemen bij het benaderen van de stortgatdrempel. Om te voorkomen dat personen en waardevolle voorwerpen in de bunker geraken, moet gebruik gemaakt worden van de bordessen welke zich in de loshal tussen de stortgaten bevinden. Het afvalverwerkingsbedrijf draagt er zorg voor dat de af te geven afvalstoffen zo vlot en ongestoord mogelijk kunnen worden gelost. Containers wisselen dient te geschieden op de daarvoor bestemde wisselplaats. Het dragen van reflecterende kleding in de loshal is verplicht!
Zijvergrendeling
Als de deuren van een container niet automatisch geopend kunnen worden dienen deze minimaal 4 (vier) meter vanaf de stortgatdrempel geopend te worden. In verband met valgevaar mag niemand zich binnen een afstand van 4 (vier) meter van de stortgatdrempel begeven. Tussen de stortgaten bevinden zich bordessen met val¬bescherming die toegang geven tot aan de stortgatdrempels. De afvalverbranding is doorgaans ingericht op het gebruik van containers met zijvergrendeling.
Indien de ontdoener/vervoerder geen gebruikt maakt van containers met zijvergrendeling vrijwaart de ontdoener/vervoerder het afvalverwerkingsbedrijf van alle aanspraken ten gevolge van schade die mocht ontstaan bij het ontgrendelen en openen van containerdeuren.
Diefstal
Het is de ontdoener/vervoerder en zijn personeel niet toegestaan om binnen de inrichting (gebouwen en terrein) voorwerpen of materialen uit het afval te halen en mee te nemen.
Hoe te handelen in geval van een ongeval
In geval van een ongeval dienen de ontdoener/vervoerder en/of zijn personeel direct een medewerker (in de loshal) te waarschuwen en diens aanwijzingen op te volgen. In geval iemand in de afvalbunker valt dient onmiddellijk de ‘rode’ noodknop ‘man in bunker’ ingedrukt te worden. Deze knoppen zijn op verschillende plekken nabij de stortgaten in de loshal aanwezig.
Verlaten van de losplaats
Bij het verlaten van de losplaats dienen de voertuigen van aanhangend afval ontdaan te zijn en in ordentelijke staat te verkeren.]
Uitweging
Na het lossen van de afvalstoffen worden de voertuigen in dezelfde hoedanigheid en samenstelling, op een geijkte weegbrug van de inrichting, uitgewogen. Deze weging is bindend.
Beoogde effecten
Het verminderen van het risico op valgevaar bij het stortgat.
Registratie en archivering
| wat | wie | waar | hoelang |
|---|---|---|---|

